
Droge schraallanden vormen maar een klein onderdeel van het heidelandschap, maar zijn van grote waarde voor de biodiversiteit. De combinatie van een open vegetatiestructuur, een warm microklimaat en een rijk aanbod aan bloemen maakt deze gebieden bijzonder belangrijk voor veel insectensoorten.
Veel droge schraallanden zijn ontstaan op overgangen tussen heide, zandverstuivingen, bermen en voormalige akkers of wildweides. Ondanks hun ecologische waarde krijgen ze in beheer niet altijd een eigen plek. Recent OBN-onderzoek naar droge schraallanden met een agrarische ontstaansgeschiedenis laat zien dat verschillen in bodemcondities, zoals nutriëntenrijkdom en buffering, bepalend zijn voor de juiste beheerstrategie.
Tijdens deze sessie delen we de belangrijkste onderzoeksresultaten en bespreken we hoe deze kennis kan helpen bij het kiezen tussen onderhouds- en herstelbeheer.